TAKEZAWA, Kyoko
Japanse violiste
|
Ondanks haar natuurlijke aanleg en talent voor het vioolspel, is haar bliksemcarriere wel degelijk goed en langdurig voorbereid en het resultaat van vele vele uren oefenen en schaven. Geïnspireerd door vioolspelende nichtjes begon Kyoko al op de prille leeftijd van drie jaar met vioolspelen volgens de Suzuki-methode, een methode voor beginners die er van uit gaat dat elk kind talent heeft en muziek is te leren als taal door er naar te luisteren. Als zevenjarige werd ze uitgekozen voor een Suzuki-promotietour door oa. de Verenigde Staten en Zwitserland. Vier toernees in vier jaar met volle zalen en uitbundig applaus resulteerden in een gezonde verslaving en vanaf die tijd wist Kyoko dat ze concertvioliste wilde worden. Als tiener werkte ze hieraan bij haar Japanse Ieraar Kobayashi die haar techniek bijschaafde. Deze introduceerde haar door middel van een masterclass bij Dorothy DeLay. Inmiddels achttien jaar oud vertrok Kyoko naar Amerika om bij haar te studeren. Na een jaar kreeg ze via haar agentschap optredens in Japan en sindsdien kwam ze drie- a viermaal per jaar in Japan. In Amerika liet Dorothy DeLay Kyoko's eigen verbeelding toe in haar musiceren en ontwikkelde daarmee de persoonlijkheid in haar spel waarvan alle kritieken getuigen. Japan kent een korte geschiedenis van 50 jaar Europese invloed. Zo'n twintig jaar geleden raakte klassieke muziek heel populair in Japan. Haar ouders waren geen muzikant maar wel fan van deze muziek en ze draaiden het elke dag. Ze is dus als het ware opgevoed met klassieke muziek. Bij een goede violiste hoort een goede viool, Kyoto speelt op de 'Hammer', een Stradivarius uit 1707, geleend van een Japanse firma. # |