SAGAN, Francoise
Frans roman- en toneelschrijfster, * Cajarc - Frankrijk 21-6-1935 - † Honfleur – Frankrijk 24-9-2004
Pseudoniem van Francoise Quoirez
Ze was een nakomertje dat door haar vader, een Parijse zakenman, haar moeder en haar oudere broer en zus op handen werd gedragen. Het liefst zat ze met haar neus in de boeken of probeert ze toneelstukken op papier te zetten. Toen ze twaalf was, schreef ze al pagina's lange historische tragedies. Ze wordt in haar puberteit van een Parijse zusterschool gestuurd. Toch haalde ze haar toelatingsexamen voor de universiteit van Parijs, de Sorbonne. Studeren deed ze echter nauwelijks: ze koesterde een zekere minachting voor haar medestudenten en ging maar zelden naar college. Liever verdiepte ze zich in literatuur, hing ze rond in cafés of ging ze dansen, waaraan ze verslingerd was. De gevolgen van haar zorgeloze bestaan bleven niet uit: ze zakte voor haar eerstejaars-examen.
Die zomer (1954) schreef ze op 18-jarige leeftijd in drie maanden Bonjour Tristesse. Het is het vrijgevochten verhaal van de jonge Cecile die zonder scrupules intrigeert in het liefdesleven van haar vader. Francoise ondertekende het manuscript met Francoise Sagan, een naam die ze ooit las in een boek van de Franse schrijver Proust. Daarna gooide ze het bij uitgever Julliard in de bus. Als die het boek las, voelde hij meteen dat Bonjour Tristesse een bestseller zou worden. Haar eerste roman werd een grandioos succes. Het boek werd in veertien talen vertaald en bereikte in Frankrijk een oplage van 650 duizend exemplaren en in Amerika zelfs een miljoen. In een paar weken werd Francoise gebombardeerd tot het symbool van 'de jeugd van tegenwoordig’ de na-oorlogse generatie die zich van de ene in de andere uitspatting wierp om de leegte van het bestaan niet te hoeven voelen. Ze werd een mythe, naast Brigitte Bardot en James Dean. Toch was niet iedereen opgetogen over Bonjour Tristesse. De roman schokte een groot gedeelte van het Franse publiek. In Spanje en Portugal werd het boek zelfs verboden, iets waar Francoise buitengewoon trots op was. De vermaarde schrijver Francois Mauriac schreef zelfs een artikel over haar in de Franse krant Le Figaro, waarin hij haar een charmant monstertje van achttien jaar noemt, een betiteling die overal werd overgenomen en waar de literaire ster zelf niet blij mee was.
Bonjour Tristesse verkocht zó goed, dat Francoise op een gegeven moment kon zwemmen in haar francs. Ze besloot op zichzelf te gaan wonen en kocht een appartement in Parijs, waarmee een nieuwe periode en meteen het tweede schandaal in haar leven aanbrak. In plaats van haar geld verstandig te beleggen, zoals iedereen verwachtte, gooide ze het botweg over de balk. Eindelijk kon ze toegeven aan haar grote passies, zoals snelle auto's. Ze kocht de ene sportwagen na de andere en reed daarin met een onverantwoordelijk hoge snelheid. Ze verzamelde een groep musici en schrijvers om zich heen, onder wie de zangeres Juliette Gréco. Het losbandige gezelschap leefde volledig op Francoises kosten. Als ze niet in de beroemde Parijse bohémienwijk Saint-Germain-des-Prés verbleven, waren ze wel in Saint-Tropez te vinden. Ze leidden een lichtzinnig leven van ’s nachts uitgaan, overdag slapen, veel roken, whisky drinken en rondrijden in snelle sportwagens.
Haar onbezonnen gedrag deet in heel Frankrijk stof opwaaien. Al snel had iedereen het over de
clan Sagan, die er volgens haar eigen zeggen nooit geweest was. Hoewel critici na Bonjour Tristesse voorspelden dat Francoise een eendagsvlieg zou zijn, werd in 1956 haar tweede roman Een verre glimlach ook weer een buitengewoon succes. Als Francoise eenentwintig is, zijn er meer dan drie miljoen exemplaren verkocht van beide boeken. Ze vierde haar succes door zichzelf een cadeautje te geven: haar zoveelste snelle sportwagen. Als de eenentwintigjarige romanschrijfster op een dag in het voorjaar van 1957 met blote voeten haar Aston-Martin bestuurde, sloeg ze door haar veel te hoge snelheid over de kop. Meer dood dan levend werd ze bevrijd uit het autowrak, waarna ze bijna twee dagen in coma lag. Juist toen het leek alsof ze nooit meer wakker zoe worden, kwam ze weer tot bewustzijn. Naast een schedelbreuk had ze haar bekken en verschillende ribben gebroken. Hoewel iedereen geschokt was door Francoises ongeluk, hing er ook iets in de lucht van: dit is je straf. De gewonde Francoise dacht er anders over. Als ze een foto zag van het wrak waar ze als door een wonder nog levend uitgekomen was, verzuchte ze spijtig: "Wat jammer van de mooie auto." Heel Frankrijk sprak schande van deze ongepaste opmerking. Het maakt Francoise niet uit wat ze dachten. Hoe jong ze ook nog was, ze had al menig schandaal op haar naam staan.
Zelfs na het ernstige auto-ongeluk dat haar bijna het leven koste, ging ze gewoon door met te hard rijden. Toch had het ongeluk Francoise wel aan het denken gezet. Ze besefte dat ze niet langer onkwetsbaar was, wat ze daarvoor meende te zijn.
Ongeveer een jaar voor haar ongeluk ontmoette Francoise op een Parijse cocktailparty de drieënveertig- jarige steenrijke Parijse uitgever Guy Schoeller een echt een man van de wereld. Ze begon bijzonder veel moeite te doen om de onbereikbaar lijkende Guy voor zich te winnen. Ze vond zichzelf helemaal niet mooi of aantrekkelijk en was dolgelukkig toen Guy toch voor haar viel, hoewel hij zich tot haar grote teleurstelling niet echt leek te willen binden. Ze kondigde hun verloving aan op een persconferentie, zonder dat Guy het wist.
Op 13 maart 1958 traden Guy en Francoise in het huwelijk. Het pasgetrouwde stel betrok in Parijs een luxueus appartement met gouden spiegels en kroonluchters. Francoise zou zich er nooit echt thuis voelen. Van het begin af aan gingen zij en Guy volledig hun eigen gang. Toen Francoise besefte dat ze Guy nooit echt aan zich zou kunnen binden, belde ze haar broer op die de scheiding aanvroeg. Het huwelijk had dan amper twee jaar geduurd.
Na haar scheiding storte Francoise zich weer volledig in het Parijse nachtleven. Tussen de bedrijven door schreef ze de ene roman na de andere, zoals Houdt u van Brahms?, Tranen in de rode wijn en De oorlog beu. De grootste moeilijkheid waarmee ze tijdens het schrijven te kampen had, was haar ongeneeslijke luiheid. Schrijven betekende voor haar telkens weer opboksen tegen haar onzekerheid en twijfels. Aan een nieuw boek beginnen vond ze vreselijk. "De eerste honderd pagina's herschreef ze soms acht tot tien keer, waarna ze er pas plezier in kreeg.
Haar romans tonen stuk voor stuk haar talent om iets kort en duidelijk te zeggen. Ze roept een stemming of persoon op met één scherp geformuleerde zin. Er gebeuren nooit grote drama's in haar boeken, omdat ze zelf het leven al dramatisch genoeg vindt. Behalve alcohol, geld en driehoeksverhoudingen spelen verveling en de eenzaamheid van mensen uit rijkere milieus een grote rol in haar romans. Hoewel ze zich daarmee veel kritiek op de hals haalde weigerde Francoise halsstarrig een stap omlaag te doen op de maatschappelijke ladder. Ook over de steeds terugkerende vraag van critici of haar boeken nou wel of niet tot de literatuur behoren, haalde Francoise geïrriteerd haar schouders op.
In 1962 trouwde Francoise met de Amerikaanse kunstenaar Robert Westhoff, een intelligente, vrolijke man. Uit hun huwelijk werd in 1963 hun zoon Denis geboren, die daarna door zijn moeder angstvallig uit de publiciteit werd gehouden. Elf maanden later was het paar alweer gescheiden, hoewel ze tot ieders verbazing nog tien jaar bij elkaar bleven.
Toe Robert en zij voorgoed uit elkaar waren, wilde Francoise niet meer aan trouwen denken. Ze huurde een appartement in Parijs en ging daar wonen met Denis. omdat ze wist dat ze niet met geld om kon gaan, sloot ze een overeen-komst met haar uitgever, die haar een vast bedrag per maand zou betalen. Maar haar smaak bleef aan de dure kant, vooral toen ze de aantrekkingskracht van het gokken ontdekte. Ze verspeelde zoveel geld aan de roulettetafel, dat ze zich via de rechtbank vijf jaar lang de toegang tot de Franse casino’s liet ontzeggen om niet nog dieper in de schulden te komen. Maar al na een maand vloog ze naar Londen om daar verder te gokken.
In 1981 daagde schrijver Jean Hougron haar voor de rechtbank met het verwijt dat Francoise in haar roman Een slaafse hond fragmenten uit zijn novelle De oude vrouw overgenomen zou hebben. Even leek het voorgoed gedaan met Francoises carrière. Iedereen wist dat ze flink aan de drank was geraakt en vaak nachtclubs bezocht, wat natuurlijk niet bevorderlijk was voor haar literaire prestaties. Heel Frankrijk slaakte een zucht van verlichting toen ze het proces in hoger beroep won.
Zeven jaar later kwam Francoise er minder goed van af, toen ze werd beschuldigd van vervoer en bezit van verdovende middelen. De schrijfster ontkende niet dat ze drugs gebruikte. Ze ontkende wel in alle toonaarden ooit drugs vervoerd te hebben. Voor de zoveelste keer kreeg Francoise de pers over zich heen. De extreem-rechtse Jean Marie le Pen bazuinde rond dat La Sagan wat hem betreft de doodstraf verdiende als ze schuldig werd verklaard. De gekwetste Francoise vermoedde zelf dat de aanklacht een politieke actie was. Door haar zou men proberen president Mitterand, van wie zij een fel aanhangster was, schade toe te brengen. Maar ze kreeg steun uit een onverwachte hoek toen vlak na de beschuldiging een opzienbarende oproep verscheen in het Franse maandblad Globe: Wij willen met Sagan beschuldigd worden. De oproep was ondertekend door tweeëndertig bekende Fransen, onder wie zangeres Jullette Gréco, ontwerper Jean Paul Gaultier en schrijfster Marguerite Duras. Helaas hielp het goedgemeende protest Francoise niet: in 1990 werd ze veroordeeld tot zes maanden gevangenisstraf en een boete van bijna 60 duizend euro.
Toen Frankrijks meest gelezen schrijfster achtenvijftig jaar was, had ze niet alleen eenentwintig romans, waarvan er een aantal verfilmd waren, op haar naam staan, maar ook vele toneelstukken, biografieën en scenario's. De laatste jaren begonnen zelfs de critici haar serieus te nemen. Toch vond ze het zelf nog niet genoeg geweest. Ze zou graag twee of drie echt goede romans schrijven, werk dat dieper groef, serieuzer was dan haar werk tot dan toe.
In 2002 werd ze veroordeeld tot een jaar voorwaardelijk wegens belastingontduiking. Ze kon wegens ziekte het proces niet bijwonen. Ze schreef in totaal meer dan veertig boeken en overleed op 69-jarige leeftijd aan een longembolie.
Wrk. : Romans: U n certain sourire (1956) ; Dans un mois, dans un an (1957) Aimez-vous Brahms? (1959); Un peu de soleil dans l'eau froide(1969); Des bleus a l'ê.me (1972); Un profil perdu (1974) ; Réponses (1974) ; La femrne fardée (1981). -Toneel: Chê.teau en Suêde (1960) ; Bonheur,impairetpasse (1964) ; Unpianodans l'herbe (1970);I fait beau jour et nuit (1978).