KOOPMANS, Jan (1)
Nederlands letterkundige (1860-1926)
* 25-3-1860, Holwerd - † 29-7-1926, Dordrecht
Koopmans was zijn gehele leven werkzaam bij het L.O., als schoolhoofd te Dubbeldam en sedert 1899 te Dordrecht. Door zelfstandige studie verwierf hij zich een brede ontwikkeling; hij bezat een oorspronkelijke geest en ongemene werkkracht. Zijn medewerking aan het Tweemaandelijks Tijdschrift en De Beweging werd door Albert Verwey zee op prijs gesteld. Ook voor de vernieuwing van het moedertaalonderwijs maakte hij zich verdienstelijk, als mederedacteur van Taal en Letteren en als medeoprichter van De Nieuwe Taalgids (1907). Talrijk zijn zijn letterkundige opstellen, zowel op het gebied van het Middelnederlands, o.a. Maerlant-studieën en Mnl. romans, als van de 17de eeuw (Vondel, Hooft, Cats e.a.), van de 18de eeuw en van de 19de eeuwse romankunst. Herdrukt werd bij zijn leven een bundel Letterkundige Studiën. Hooft als allegorist en Vondel als Christen-symbolist. (Amsterdam, 1906) en na zijn dood slechts één deel Letterkundige Studiën, over de 19de eeuw (Amsterdam 1931).