KLEIN, Yves
Frans beeldend kunstenaar (1928-1962)
* 28-4-1928 Nice – † 7-6-1962, Parijs.
Zoon van Frits Klein en Marie Raymond, was als schilder autodidact. In 1950 stelde hij in Londen monochrome werken ten toon, de eerste uiting van een gewijzigde instelling bij de jonge generatie ten aanzien van de kleur (een reactie op de action-painting), die zij wilde depersonaliseren en objectiveren. In zijn monochrome periode (1946–1956), die in 1957 uitliep op het uitsluitend gebruik van blauw, bereikte Klein prachtige effecten, bijv. met sponzen gedrenkt in blauw op een korrelig fond van hetzelfde blauw (o.a. in het door W. Ruhnau ontworpen theater te Gelsenkirchen) en met licht ingedeukte, met bladgoud bedekte vlakken. In de daaropvolgende periode (1958–1962) ontstonden de antropometrieën; composities tot stand gebracht door naakten, met verf bedekt, op aanwijzingen van de kunstenaar tegen een wit doek te laten bewegen. De kosmogonieën ontstonden door regen en wind op een doek te laten inwerken. Klein, die ook met vuur heeft gewerkt (o.a. vuurfonteinen), baseerde zijn scheppingen op de normen van een kosmische evolutie. Kleins pogingen de kunst te ontmaterialiseren hebben grote invloed gehad op de avant-garde in de jaren vijftig en zestig.
Werken :
Publicaties: Peintures (1954); Les fondements du judo (1954); Le dépassement de la problématique de l'art (1959); Dimanche, le journal d'un seul jour (1960); Selected writings (1974).
Yves Klein
Painter, concept artist
60 x 60 cm
Empreinte – Feu rouge et bleu – Monochrome bleu – Monogold en Éponge bleue 160
1960
Afrduk op gemaroufleerd papier.
Particuliere collectie
Tijdens de opvoering van zijn “Symphonie monotone” in 1958 in Parijs,
presenteerde Yves Klein een nieuw soort schilderkunst, waaraan Pierre Restany de naam “antropometrie” hechtte. Klein, die zelf geen deel meer had aan het schilderproces, liet vellen wit papier neerleggen op de grond en ophangen aan de muren. Daarna nodigde hij zijn modellen uit om van hun lichamen, die ingesmeerd waren met blauwe verf, een afdruk te maken op deze vellen. Toen hij zijn modellen voorstelde, zei hij: “Dit zijn mijn levende penselen”.
Op deze wijze dient het vrouwelijk lichaam niet alleen, in tegenstelling tot de traditie, als motief en inspiratiebron voor de schilder, maar wordt het materiaal zelf. Het lichaam van de vrouw verricht de handeling, terwijl de schilder zich beperkt tot de keuze van de kleur en de houding van het lichaam, en in enkele gevallen tot de herhaling en de verandering van de actie. Door deze antropometrie worden papier, linnen, of zijde de dragers van “de momentopnamen van de huid”.
Een voorbeeld van Yves Kleins monochrome werk is het bovenstaande ‘Relief éponge’uit 1960: blauw geverfde sponzen tegen een achtergrond van hetzelfde blauw (180 x 150 cm): Stedelijk Museum, Amsterdam.
Eveneens van spons gemaakt is de ‘Sculpture éponge’, links onder; de 21 cm hoge sculptuur is geheel blauw geverfd (privé bezit). Rechts onder het vervaardigen van een antropometrie, waarvan Yves Klein een soort happening maakte; het schouwspel werd opgeluisterd door een klein orkest dat een door de kunstenaar gecomponeerde monotone symfonia speelde: één noot, 10 minuten lang aangehouden, afgewisseld door 10 minuten stilte.
IKB 79
c. 1959.
Pigment and synthetic resin on canvas.
139.7 x 119.7 cm
Tate Gallery, London, England
IKB stands for International Klein Blue, a paint which Klein mixed personally and then patented. Its brilliant colour is maintained by the addition of synthetic resin to the blue pigment. Most of Klein’s paintings are blue, as blue was an impotsant colour to him, conveying a sensation of spirituality and freedom which is peculiar to his work. The power of the painting lies in its ability to invade the viewer’s sensibility and exert a strong mediative influence. Klein is considered to be one of thge most importatnt post-war international artists and was a leader of the European Neo-Dada movement, a style intended to shock and outrage. His work included paintings that were deliberately burned, and the extraordinary ‘Anthropométries’ series, for which female models were smeared with the famous blue paint and dragged across the canvas under Klein’s direction, to the accompaniament of his own symphony.
Tragically, he died of a heart attack at the age of only 34.