FATIMIDENKUNST
|
Tijdens het bewind der Fatimiden en met name in de 12de eeuw beleefde de islamitische kunst in Egypte een van haar hoogtepunten. Zij vormt in onderdelen een voortzetting van de kunst der Abbasiden; de reden van de opvallende parallellen met de kunst der Seldjoeken is nog niet bekend. De moskee-architectuur sluit in grote trekken aan bij de Syrische transeptmoskee. Nieuw zijn de hoekkoepels, o.a. voorkomend bijde twee grootste Fatimiden-moskeeën, de el-Azhar (973) en de el-Hakim (990-1003), beide te Cairo. De el-Hakim heeft een monumentale poort en zware dubbele minaretten, voorloopsters van de Mamelukken-minaret. De grafarchitectuur wordt gekenmerkt door geribde koepels op een achthoekige tamboer. De paleisarchitectuur is uitsluitend uit de literatuur bekend. De decoratie (met o.a. voor het eerst volledig ontwikkelde 3rabesken) bereikt vooral in het weelderige houtsnijwerk een grote hoogte. De zin voor het figuratieve, kenmerkend voor de kunst der Fatimiden, komt behalve in het houtsnijwerk vooral in de kleine kunst uit. Beide vormen grotendeels een voortzetting van de vroeg-Abbassidische kunst. Beroemd is het lusterkeramiek dat vooral in Cairo werd vervaardigd. Daarnaast kwam de ivoorsnijkunst tot grote bloei, evenals de glaskunst, waarbij veelal bergkristal als materiaal werd gebruikt. Van de metaalkunst bleef alleen een reeks bronzen voorwerpen bewaard, vooral dierplastieken De textiele kunst kwam vooral in het rijke, verfijnde zijdeborduursel tot ontwikkeling. LITT.: S.Flury, Die Ornamente der Hakim- und Azharmoschee (1912); M.S.Briggs, Muh. architecture in Egypt and Palestine (1924); C. J Lamm, Mittelailt Gläser und Steinschnittarbeiten aus dem Nahen Osten (1930); Idem, Fatimid woodwork, its style and chronology in Bull. de l'Inst. d'Egypte, XVIII (1935-1936); P.Cott, Siculo arabic ivories (1939); A. Lane, Early islamic pottery (1947) A C Creswell, Muslim architecture of Egypt. I: Ikshids and Fatimids (1952); E.Kühnel, Die sarazenischen Olifanishörner in Jahrb der Berl. Mus.I (1959); A. C. Creswell; A bibi. of the architecture arts and crafis in Islam (1961). # |