EYKMAN, Christiaan
Ned. bacterioloog (1858-1930)
* 11.8.1858 te Nijkerk - † 5.11.1930 te Utrecht.
Na zijn studie (hij promoveerde in 1883) in de geneeskunde te Amsterdam, waar hij in het bijzonder onder Place en Stokvis werkte, ging hij als officier van gezondheid naar Ned.-Indië, doch keerde spoedig wegens ziekte terug.
Onder Forster in Amsterdam en Koch in Berlijn specialiseerde hij zich in bacteriologie. In 1886 ging hij als lid der commissie o.l.v. Pekelharing en Winkler weer naar Indië voor de bestudering van het vraagstuk van de beriberi.
Na terugkeer van de genoemde commissie werd hij directeur van het te Weltevreden ingerichte laboratorium, dat tot een pathologisch instituut werd gemaakt. Tevens werd hij leider van de S.T.0.V.I.A., waaraan hij fysiologie en organische scheikunde doceerde. In deze tijd legde hij de grondslag van zijn studies over de polyneuritis van de kippen, die tot de kennis van de oorzaak der beriberi leidden. Dit werd het fundament voor de studie der vitaminen en daarmede tot de gehele moderne voedingsleer. Ook een aantal studies op het gebied der fysiologie van de tropenbewoners zag tijdens het 8-jarig verblijf van hij in Indië het licht.
In 1898 ging hij als hoogleraar in de bacteriologie, hygiëne en gerechtelijke geneeskunde naar Utrecht. Hier bleef hij tot zijn emeritaat in 1928.
In 1929 werd hem, met J. Hopkins, de Nobelprijs voor geneeskunde toegekend.
Van de voornaamste werken van hem noemen wij de volgende: Polyneuritis bij hoenderen (Geneesk. Tijdschrift voor Ned.-Indië, 1896); Het specitiek gewicht en het watergehalte van het menschelijk bloed in het tropische klimaat (G.T.v.N.I. 1896); Het s.g. van bloed bij ziekten (G.T.v.N.I. 1893); Physiologie van den mensch (1893); Ueber den Eiweissbedart der Tropenbewohner ,nebst Bemerkungen über den Einfluss des Tropenklima aut den Gesamtstottwechsel und die Wärmeproduktion (Virehow's Archiv, dl 131); Mikrobiologisches über die Arraktabrikation in Batavia (Centralblatt für Bakteriologie, d116); De osmotische drukking van het menschenbloed i.v.m. het volume der gevormde bestanddeelen (G.T.v.- N.I; 1893); Telling der zweetlieren (G.T.v.N.I. 1893); Vergleichende Untersuchung Über die physikalische Wärmeregulierung bei dem europäischen und den malaiischlin Tropenbewohner (Virchow's Archiv, dl 140); Organische scheikunde (1894); Regeneratie van bloed na belangrijk bloedverlies (G.T.v.N.I. 1896); De bestrijding der beriberi (Verslag Kon. Akad. v. Wetensch., 1897); Ein Versuch zur Bekämptung der Beriberi (Virchow's Archiv, dl 149); Over den invloed van het jaargetijde op de menschelijke stofwisseling (Ned. Tijdschr. v. Geneesk., 1898); Ueber Enzyme und Bakterienpilze (Centr. bl. f. Bakt., dl 29) ; Ueber thermolabile Stottwechselprodukte als Ursache der naturlichen Wachstumshemmungen der Mikroorganismen (Centr.bl. f. Bakt., dl 37);
De gistingsproet bij 46° als hulpmiddel bij het wateronderzoek (Ned. Tijdschr. v. Geneesk., 1904); Experimentelle Untersuchungen über den Verbrennungstod (met C.J. van Hoogenhuyze; Virchow’s Archiv, dl 183);
Die Ueberlebungskurve bei Abtötung der Bakteterien durch Hitze (Biochemische Zeitschr., dln); De sterftekansen naar het geslacht en den leeftijd in Nederland over 1900-'09 met onderscheiding van de gem. met meer en die met minder dan 2000 inw. (Jaarverslag van het Staats toezicht op de Volksgezondheid van 1913); Over de afwijking in de lijnen der sterftekansen naar den leeftijd, bekend onder den naam van bocht van Van Pesch (Jaarversl. Staatst. Volksgez. van 1915); Wittebrood of bruinbrood? (Ned. Tijdschr. v. Geneesk., 1917); Expériences osmotiques avec les spores de bacteries (Archives neerlandaises de Physiologie, dl 2, 1918); The vitamine content of microorganisms in relation to the composition of the culture medium (met van Hoogenhuyze en Derks; Journal of the biochemical Chemistry , 1922).