DAVIDOFF, Zino
Zwitsers tabakshandelaar (1906-1993)
|
* 11.3.1906 Kiev, Ukrainischen - † 1993
'Rook minder, maar beter’. Zino Davidoff nam die woorden even vaak in de mond als de rookwaren die zijn naam droegen. Vijftien sigaretten, twee corona's en een pijpje per dag, op dat rantsoen is Davidoff 87 jaar geworden. De Koning van de tabak, ook wel de Groothertog van het genot genoemd, is afgelopen vrijdag in Zwitserland overleden. Het merk Davidoff staat tegenwoordig voor een breed scala aan luxe goederen, maar de naam werd gevestigd met tabak. Meer specifiek: met Cubaanse. Davidoff maakte van de havannasigaar een doorslaand commercieel succes. Omgekeerd bezorgden de havannasigaren Davidoff zelf ook wereldfaam. Zijn naam synoniemvoor genot, luxe en status versloeg zelfs een breuk met de Cubaanse hofleveranciers, eind jaren tachtig. Davidoff werd, zoals hij zelf eens vertelde, bijna geboren tussen de tabaksbladeren. Hij werd in 1906 geboren in Kiev, waar zijn vader een tabakswinkel dreef. Op de vlucht voor pogroms emigreerde het joodse gezin in 1911 naar Zwitserland, waar de nering werd voortgezet en Zino zich bekwaamde als 'tabakker'. Midden jaren twintig ontdekte Zino, op reis in Zuid-Amerika, de tabaksplantages van de Vuelta Abajo, zo'n 200 kilometer ten westen van Havana. Hij bleef enkele jaren in de Cubaanse hoofdstad en leerde er "alles over sigaren". Met de verworven kennis en de Cubaanse tabak bouwde hij vervolgens aan een wereldimperium dat de exquise rookbehoefte van adel, bankiers en grote industriëlen kon bevredigen. De echte doorbraak van Davidoff kwam overigens pas in 1948, toen hij zijn sigaren ging sieren met de namen van grote Franse wijnen als Lafitte, Margaux en Mouton. Zino Davidoff onderkende namelijk een parallel: om sigaren en wijnen te kunnen waarderen, is het een vereiste dat men beschikt over cultuur, en kennis van het goede leven. De Cubaanse revolutie dreigde in 1959 even roet in het eten te gooien, maar Davidoff slaagde erin een contract af te sluiten met Fidel Castro die hem de exclusieve verkooprechten van jaarlijks zo'n 3 miljoen topsigaren gunde. Het staatsbedrijf Cubatobaco voorzag in de productie ervan en begon zelf ook met de verkoop van prestigieuze havana's. De Cubanen konden echter nimmer een zelfde imago verwerven als Davidoff, en dat legde de kiem voor een conflict dat uiteindelijk in 1988 tot uitbarsting kwam. Het contract werd verbroken, volgens Davidoff omdat de Cubanen, desperaat zoekend naar buitenlandse valuta, niet langer sigaren leverden die aan zijn kwaliteitseisen voldeden. Een lange juridische strijd volgde, omdat de Cubanen hun havana's nog steeds als 'Davidoffs' bleven verkopen. Het conflict werd in 1991 afgesloten met de afspraak dat Davidoff zou stoppen met de levering van Cubaanse havana's, en dat de Cubanen het alleenrecht met betrekking tot merknamen en distributie zouden laten aan Davidoff International, onderdeel van het Zwitserse concern Oettinger. Davidoff-sigaren worden nu gemaakt van tabak uit de Dominicaanse republiek. Zino Davidoff trad de laatste jaren vooral op als ambassadeur van het merk dat hij groot gemaakt had. Toen hij 85 werd, maakte hij nog een wereldtournee om de laatste hommage aan zijn naam aan te prijzen: de Anniversario No. I, die voor 58 gulden zijn weg vindt naar andere gefortuneerde sigarenliefhebbers. # |