DAVID, Jacques-Louis
Frans schilder (1748-1825)
* Parijs 30.8.1748 – † Brussel 29.12.1825

Hij was een leerling van J.M. Vien, kreeg de Prix de Rome in 1774 en verbleef van 1775 tot 1780 en in 1784 te Rome. Hij was een vriend van Robespierre en werd na diens val in 1794 voor enige tijd gevangengezet, waaraan zijn Vue du jardin du Luxembourg (1794, Musée du Louvre, Parijs) herinnert. In 1804 werd hij hofschilder van Napoleon en na diens val (1816) woonde hij als balling te Brussel. Davids eerste werken, academistische, heroïsche taferelen, hadden tussen 1780 en 1790 enorm succes. Onder invloed van zijn verblijf in Rome zocht hij naar vernieuwing, zich daarbij baserend op de antieke kunst. Le serment des Horaces (1784, Musée du Louvre, Parijs) vormt zowel naar thema als naar de streng symmetrische en evenwichtige vorm- en kleurcompositie het eerste Franse classicistische schilderij en staat aan het begin van een traditie, o.m. voortgezet door Davids belangrijkste leerling, Ingres (zie ook classicisme). Tijdens de Revolutie schilderde David monumentale, geïdealiseerde taferelen naar belangrijke gebeurtenissen uit die jaren; daarnaast ontstonden realistische werken als Marat expirant (1793, Kon. Mus. voor Schone Kunsten van België, Brussel) en de rake schets van Marie Antoinette op weg naar het schavot (1793, Musée du Louvre, Parijs). Tijdens en na zijn gevangenschap concentreerde hij zich op het portret, scherp van psychologische karakterisering, met als hoogtepunten Mme Sériziat (1795) en Mme Récamier (1800, beide Musée du Louvre, Parijs). Hij was tevens de ontwerper van de tijdens het Directoire voorgeschreven officiële kleding van de volksvertegenwoordigers. Als historieschilder van het Napoleontische tijdvak toonde David een sterke neiging tot verheerlijking van zijn onderwerp, zoals o.a. het geval is in zijn uitbeelding van de kroning van de keizer (1805, Musée du Louvre, Parijs). Gaandeweg verviel hij in een weinig artistiek systematiseren volgens antiek concept (Léonidas aux Thermopyles, 1814, Musée du Louvre, Parijs). De schilderijen uit zijn Brusselse tijd worden in het algemeen minder gewaardeerd; het beste uit die tijd is Les trois dames de Gand, ca. 1820 (Musée du Louvre, Parijs). De grootste collectie van zijn werk bevindt zich in het Musée du Louvre in Parijs. 54 schilderijen Overgenomen van Olga’s Gallery |