DANTE, Joe
Amerikaans filmregisseur (1946-
Tevens: Film editor,
screenwriter
* 28.11.1946,
Morristown, NJ
Opleiding:Philadelphia
College of Art
One of modern
Hollywood's most amiable auteurs, Joe Dante makes witty genre
movies and TV
projects that are obvious by-products of a youth spent watching too
many old
movies on TV. Nourished by this experience, and the consumption of volumes
of
Forrest J. Ackerman's beloved fan mag Famous Monsters of Filmland, the New
Jersey
born youngster grew up to become a learned film buff. The 13-year old
Dante even
had an article published in Famous Monsters. As an art student
studying cartooning,
he collaborated with future film producer Jon Davison on
THE MOVIE ORGY, a seven-hour
compilation of 1950s movie scenes that was
distributed to college campuses.
Dante also served as managing editor for FILM
BULLETIN before moving to Hollywood to
work in film promotion.
Though often
erroneously considered a protégé of Steven Spielberg, for whom he
directed
several big-budget projects (GREMLINS, 1984; INNERSPACE, 1987; GREMLINS
2: THE
NEW BATCH, 1990), Dante actually has deep roots in 70s low-budget exploitation
films.
He learned his craft at New World Pictures under legendary
producer-director Roger Corman.
Working as a film editor with future director
Allan Arkush, Dante was responsible for cobbling
together deliriously
misleading trailers for New World's cheap drive-in fodder.
The pair eventually
collaborated as co-directors on a ten-day wonder called HOLLYWOOD
BOULEVARD
(1976), made under an understanding with Corman that it had to be the cheapest
film ever made at the studio. With a budget of $60,000, this was a clever
action-comedy
spoof of the studio's product, comprised of discarded clips
joined by footage shot by two
different crews filming different scenes with
different actors in different locations.
HOLLYWOOD BOULEVARD was held together
by lots of movie in-jokes and a shaky plot
about an exploitation studio called
Mirakle Pictures. ("If It's a Good Picture, It's A Mirakle!")
Though
quite ragged, this film established much of the tone of his subsequent work.
Dante earned his
first feature credits at New World as an editor on the period actioner
THE
ARENA (1973) and Ron Howard's GRAND THEFT AUTO (1977). He edited and made his
solo
directorial debut on PIRANHA (1978), a clever JAWS (1975)-RIPOFF scripted
by John Sayles
from his own story.
(This was the
project that caught Spielberg's eye.) Dante also co-scripted and provided the
story for Arkush's ROCK 'N' ROLL HIGH SCHOOL (1979) before gaining considerable
attention
as the director-editor of THE HOWLING (1981), again scripted by
Sayles.
Dante enjoyed his
first blockbuster success with the Spielberg-produced GREMLINS. A wicked
commentary on E.T.-MANIA and all things cute, the film exulted in depicting the
dark side of fantasy.
He also contributed
the most thoughtful remake segment to the preceding year's TWILIGHT
ZONE—THE
MOVIE (1983), with IT'S A GOOD LIFE. Like his "mentor," Dante deals
extensively
with the world of children, but unlike Spielberg he finds it to be
murky and ambiguous.
His influence was strongly felt on the likably paranoid
and subversive children's TV series
"Eerie, Indiana" (NBC, 1991-92)
on which he served as creative consultant and frequent director.
Dante's films
display a proficiency with special effects and a fondness for pop culture
references, in-jokes cameos and interesting character actors (e.g. Dick Miller,
Robert Picardo).
His narrative sense, however, is not the strongest. When Dante
has an uninspired script,
his films turn into amiable but aimless messes (THE
'BURBS, 1989).
When the scripts
work, one loses concern about plot and just enjoys the showmanship
(GREMLINS 2:
THE NEW BATCH). While most of Dante's best work has been in the realm of
horror
and fantasy, he did helm the overlooked coming-of-age tale MATINEE (1993).
This
wonderfully knowing and nostalgic comedy celebrated the old days of moviegoing
and
cheesy exploitation gimmicks and how they reflected and impacted upon Cold
War
anxieties and awakening adolescent sexuality.
Filmografie
1957 THE JOKER IS WILD/ALL THE WAY
1962 TWO WEEKS IN ANOTHER TOWN
1973 The Arena /NAKED
WARRIORS editor
1976 CANNONBALL
1976 Hollywood Boulevard director, editor
1977 Grand Theft Auto editor
1978 Piranha (1978) (uncredited) .... Scuba
Diver #2 director, editor
1978 Roger Corman: Hollywood's Wild Angel .... Himself
1981 The Howling director,
editor
1982 SLUMBER PARTY MASSACRE
1983 Twilight Zone: The Movie director
1984 Gremlins director
Acteurs: Zach Gilligan, Phoebe
Cates, Hoyt Axton, Polly Holiday.
Scenario: Chris Columbus Camera:
John Hora
Ontwerp en bediening van
de Gremlins: Chris Walas
Het publiek juicht
en schreeuwt. Sneeuwwitje en de zeven dwergen loopt in een
laatavondvoorstelling, In de bomvolle zaal zitten ook de nieuwste
Hollywoodschepsels,
de Gremlins.
De bioscoop is echter een val: een gasexplosie
vernietigt het boze gebroed dat onheil
over de vredige, in kerstmisstemming
verkerende provinciestad bracht.
Het begon
allemaal toen Billy op kerstavond een zoete Mogwai kreeg. Die had vader in
Chinatown gekocht met de belofte de regels voor het verzorgen van een kobold
strikt te
volgen. Billy zondigt daartegen en zo baart het voortwoekerende dier kleintjes waaruit
zich steeds meer glibberige, boosaardige reptielmonstertjes
ontwikkelen.
Op overdreven manier beleven wij zo de nachtzijde van het brave Walt
Disney-Amerika.
Rokend en zuipend
maken de Gremlins alles kapot wat hen in de weg staat. Ze hebben
een voorkeur
voor het opblazen van technische apparaten en gaan over lijken.
De belangrijkste
boodschap van dit cynische anti-kerstmissprookje uit de speeldoos van
producent
Spielberg is: 'Als ie een Mogwai houdt, pas dan op: hou hem ver van het
daglicht,
laat hem nooit nat worden en voed hem nooit, maar dan ook nooit na
middernacht!'
1985 Explorers director
tekst door: MAKISKA GRAVELAND
In de sf-jeugdfl1m Explorers van Joe Dante wordt
een van die onverwoestbare
kinderfantasieën werkelijkheid: met een zelfgebouwd
ruimteschip reizen drie
jongens de sterren tegemoet. Zolang het zich op aarde
afspeelt is het nog wel geloofwaardig,
maar daarna ontspoort de film totaal.
Op aarde wekken de drie jongens een vreemde energiebel op
na een experiment in een prachtig
chaotisch laboratorium van een schattige
nerd, het debuut van River Phoenix.
Na de ontdekking dat ze in de energiebel
kunnen stappen, vinden ze in een rommelschuur een
kermisattractie waarmee ze de
bel ombouwen tot vliegtuig. Ze scheren even later langs een
drive-in bioscoop
waar op dat moment net een oude (fictieve) sciencefictionfilm draait met de
klinkende titel Star Killer.
Regisseur Joe Dante heeft zijn hele oeuvre gefundeerd op
zijn voorliefde voor sciencefiction
en monsterfilms uit de jaren vijftig, waar
hij in nagenoeg al zijn films een ode aan brengt,
van The Gremlins en The
Bowling tot Innerspace en Matinee. Sommige monster- en
sf-films uit de
jaren vijftig behoren tot de hoogtepunten uit de
filmgeschiedenis, en die met liefde beleden
overtuiging tilt het verder
rommelig gemaakte Explorers net boven de gemiddelde jeugdfilm uit.
Er wordt in flink gestrooid met verwijzingen naar
klassiekers als War of the Worlds, This Island Earth
en Forbidden
Planet, citaten die gelukkig wel ergens op slaan. De fantasie van een van
de jongens
(Ethan Hawke eveneens in zijn debuutrol) is jarenlang gevoed met
deze prachtige films, die tegelijkertijd
de bron vormen van zijn kennis over de
planeten.
Die kennis wordt later getoetst als ze in een ver
sterrenstelsel twee buitenaardse wezens ontmoeten,
die het meest bizarre
hoofdstuk van de film inluiden.
Die aliens hebben de aardlingen bestudeerd door jarenlang
televisie te kijken, een idee dat dit
jaar veel beter werd uitgewerkt in de Star
Trek-parodie Galaxy Quest. De wezens uit Explorers
communiceren slechts via
citaten uit tv- programma's als Mister Ed en The Price is Right.
Dit
levert een idiote spraakverwarring op, die doorspekt is met frasen uit goedkope
reclames voor
snijmachines en filmtrailers ("Space pirates they're the
scum of the universe!"). De liefde voor het
celluloid en alle vreemde
uitwassen die erop zijn vastgelegd straalt ervan af, maar Joe Dante
lijkt aan
het eind van het behoorlijk onevenwichtige Explorers een beetje doorgeslagen in
zijn religie.
1986 The Fantasy Film Worlds of George
Pal .... Himself assistant,
1987 Amazon Women on the Moon
director
1987 Innerspace director
1987 THE PUPPETOON MOVIE assistant
1989 The
'burbs director
Met buren is het als met familie: je kunt ze niet
uitkiezen. Zelfs het vertrek van minder
gewaardeerde bewoners uit belendende
panden zorgt vaak voor ambivalente gevoelens,
want: fijn dat ze opkrassen, maar
wat krijgen we ervoor terug?
AU American tuinstadbewoner
Ray Peterson (Tom Hanks) in Joe Dante's zwarte komedie
The 'burbs kent
het gevoel: het toch al wat spookachtige huis naast het zijne wordt
betrokken
door de Klopeks, een familie die zich bezighoudt met geheimzinnige
activiteiten.
Wie zijn ze? Waar komen ze vandaan? Waarom vertonen ze zich niet
bij daglicht en
wat betekenen die eigenaardige geluiden die 's nachts uit de
Klopek-kelder komen?
Ray denkt er het zijne van en tijdens een verdiend weekje
vakantie tracht hij, met hulp
van bevriende nieuwsgierigen, zijn buren als
bloeddorstige' Addams Family' te ontmaskeren.
De kwaadaardige combinatie xenofobie
plus bemoeizucht leverde Gremlins-regisseur
Dante het uitgangspunt voor een soort omgekeerde E.T. vol
hilarische horrorsituaties:
dubieuze creaturen zijn geland in de
sprookjeswereld van oprijlaantjes en gemillimeterde
modelgazons, en meteen
viert de paranoia hoogtij. Dante (1946) is evenals zijn kompaan
Steven Spielberg
het product van de Amerikaanse voorstad-idylle uit de jaren zestig en
ensceneerde zijn film lls een goede grap. Helaas zag pers noch publiek er in
1989 de humor
van in. De kritieken spraken van déjà vu en bioscoopkassa's
rinkelden zeer bescheiden.
Jammer, want Dantes burengerucht in suburbia blijkt
ook na twaalf jaar uitstekend houdbaar.
Vooral de bijrolspelers (Bruce Dern als
doorgeslagen ijzervreter, Corey Feldman als onbezorgde
rocker met coupe
ravage) hebben er duidelijk lol in, en de show wordt gestolen door
Henry
Gibson.
De acteur die zijn markante stemgeluid even makkelijk leende aan de
figuur Adolf Eichmann
(in de Kurt Vonnegut-adaptatie ‘Mother Night, 1996)
als aan Amerikaanse televisiesmurfen,
zet als pater familias Doktor Werner
Klopek een pracht van een sinistere gnoom neer.
En zo steken we, tegen Joe Dante's entertainerprincipes
in, toch nog iets op van The 'burbs:
als vers verhuisde burger is het
raadzaam om een welkomstfeestje voor de buurt te organiseren.
Dat voorkomt
roddel, achterklap en veel fysiek ongemak.
1990 Gremlins 2: The New Batch director
1991 Oscar .... Face on the Cutting Room Floor
1991 Rock 'n' Roll High School director
1992 Chuck Jones: Extremes and In-Betweens, a Life in Animation
1992 Sleepwalkers .... Lab Assistant
1993 Matinee director
1994 Beverly Hills Cop III (1994) .... Jailer
1994 Runaway Daughters director
1994 SILENCE OF THE HAMS/ Silenzio dei prosciutti, Il (1994) .... Dying Man
1997 The Second Civil War (1997)
Regie: Joe Dante - Scenario: Martyn Burke.
Met: Beau Bridges,
Phil Hartman, James Coburn, Elizabeth Pena.
Geen Marsmannetjes of andere buitenaardse wezens bedreigen
ditmaal de Amerikaanse
democratie maar, veel waarschijnlijker, een niet, aflatende
stroom immigranten die
van het politiek systeem een onder-handelingsmarkt
tussen etnische groepen hebben gemaakt.
Tot op de dag dat Idaho de grenzen sluit voor een
vliegtuig vol arme Pakistaanse weesjes,
en deze kwestie uitmondt in een
gewapend conflict tussen federale troepen enerzijds,
en de milities en
republikeinse reserve- troepen van een aantal staten anderszijds.
Dan is de
tweede Amerikaanse burgeroorlog een feit.
Scenarioschrijver Martyn Burke en regisseur Joe Dante, die
eerder onder meer Gremlins
(1984) maakte, hebben een lang niet oninteressante
film gemaakt, een satire op bepaalde
tendensen in het politieke systeem van de
VS en de mores van gezagsdragers.
Beide protagonisten in de burgeroorlog in
wording hebben voortdurend andere dingen aan
het hoofd: de gouverneur van Idaho
(Beau Bridges) is gebiologeerd door zijn bronstige
belangstelling voor een
tv-verslaggeefster van Mexicaanse afkomst (Elizabeth Pena),
en de president van
de Verenigde Staten (Phil Hartman), door de vooruitzichten op
herverkiezing en
de adviezen van pr-raadgevers.
Hoogtepunt op het gebied van politieke satire is een scene
in het Amerikaanse Congres
waarin men Sikhs, Chinezen, Koreanen, de zwarte
nation of Islam enz.. verwikkeld ziet in een
triballistisch spel van geven en
nemen, dat in de plaats is gekomen van het systeem van
vertegenwoordigende
democratie..
Alle elementen van deze leerzame fabel zijn goed doordacht
en ter zake, in het bijzonder het
idee om het verhaal te laten vertellen door
een oudere, zwarte televisiejournalist die zich nog
kan herinneren hoe de
beweging voor zwarte rechten in de jaren zestig er een was voor
gelijke rechten
en integratie in de grote Amerikaanse droom, niet voor groepsrechten.
The
Second Civil War is ook adequaat gefilmd, zij het in de wat vlakke stijl
van veel Amerikaanse
televisieproducties, de film was in eerste instantie
bedoeld voor het Amerikaanse abonneekanaal HBO.
Toch lijkt The Second Civil War als satire niet
helemaal van de grond te komen. Het nieuws
televisiestation van waaruit we de
gebeurtenissen volgen ontbeert geloofwaardigheid,
op geen enkele redactie ter
wereld doet men zijn werd uitsluitend druk lopend en pratend.
Dat maakt de film
als commentaar op een modem nieuwsstation minder sterk.
De karikatuur van de Amerikaanse president of de
gouverneur is vervolgens niet bijtend genoeg:
om echt leuk te zijn, zeker niet
op een moment dat een Amerikaanse president in werkelijkheid
in nog veel
grappiger problemen is verwikkeld dan die in deze film. Het lijkt alsof Dante
en Burke
niet hebben kunnen kiezen tussen óf een niet nadrukkelijk, humoristische,
politieke thriller
gesitueerd in een nabije toekomt, óf een anarchisterend
lachsucces in de stijl van firn Burtons Mars attacks.
Nu schiet The Second Civil War, ofschoon alleszins bezienswaardig, in beide genres een beetje tekort.
