DALTROCANTO
Vlaams (Italiaanse) muziek groep
Opus 111 OPS 30-162, Cat. A Tesori del Piemonte, het project om op 40 cd's het muzikale erfgoed van de streek rond Piemonte vast te leggen, is ambitieus, zeker voor een klein label als Opus 111. Voor deze cd uit de reeks nam het Italiaans vocaal ensemble Daltracanto de oudste bron ter hand: de Staffarda Codex van rond 1500. Uit dit manuscript twee werken, een mis van Bromel en een requiem van de mysterieuze Engarandus Juvenis. Deze componist kennen we enkel van dit manuscript. Elk achtergrondgegeven ontbreekt. Zijn dodenmis is zeker voor 1516 gecomponeerd en daarmee niet alleen een van de oudste polyfone zettingen, maar ook de oudste met een getoonzet Dies Irae. Los van het historisch belang is het een prachtig werk in de Josquin-stijl met zeer lange dalende vocale lijnen die vanaf de eerste maten de plechtige sfeer van een requiem weten op te roepen. Daltrocanto zingt dit requiem strak in een lage, volledig mannelijke zetting. Zowel het werk zelf als de uitvoering houden me van ander luisterwerk af, zo imponerend is deze mis. Voor Bromets Missa A Lómbre d'ung buis sonet, op een cantus firmus van Josquin treedt een gemengd koor aan. Daardoor treedt een subtiele wijziging in klankkleur op die de ingetogen sfeer net iets meer brille geeft. Heel fraai gedaan. De tweestemmig genoteerde mis ontleent zijn vierstemmigheid aan de tenor en superius, die in canon zingen met de bas- en altuspartij. Een knap staaltje Vlaams polyfone componeertechniek. Ook hier de verbazing, dat het keurslijf van de polyfonie nergens de natuurlijk klinkende muziek lijkt te dicteren: Bromels mis vloeit en stroomt als een vrije ongebonden compositie. De toelichting noemt deze mis de belangrijkste compositie van het manuscript. Mijn persoonlijke voorkeur gaat uit naar de mysterieuze meester van de 'missa de profunctis', maar daar heeft mijn liefde voor dit genre ongetwijfeld heel veelmee te maken. # |