DALMAN, Gustaf Hermann
Protestants theoloog en archeoloog (1855-1941)
* Niësky 9.6.1855 - † Herrnhut 19.8.1941.
Groot kenner van Palestina, voortgekomen uit de kring van de
Herrnhutterse Broedergemeente, werd 1881 docent in Gnadenfeld, daarna docent en
(1895) buitengewoon hoogleraar te Leipzig, was van 1902-1917 directeur van het
Duits- Evangelisch Instituut voor Oudheidkunde te Jeruzalem, daarna gewoon
hoogleraar te Greifswald en directeur van een naar hem genoemd
Palestina-Instituut. Hij legde zich toe op de studie van de Aramese taal, en wel vooral op het Joods-Palestijns dialect, en op een grondig onderzoek van de natuur, cultuur en historie van het Heilige Land, dat hij naar alle kanten had doorkruist, waarbij hij de zeden en gebruiken van de Arabische landbevolking nauwkeurig had waargenomen. Bibl.betr. Gustaf Hermann DALMAN: Der leidende und sterbende Messias (1888); Jesaja 53 (2de ed. 1914); Grammatik des jüdisch-paläst. Aramnisch (2de ed. 1905); Araminsche Dialektproben (2de ed. 1927); Araminsch- neuhebräisches Wörterbuch (2de ed. 1922); Worte Jesu (I 1898, herdr. 1930); Palästinischer Diwan (1901); Petra (1901); Neue Petraförschungen (1912); Orte und Wege Jesu (3de ed. 1924); Hundert d. Fliegerbilder aus Palästina (1925); en het hoofdwerk: Arbeit und Sitte in Palästina, in 7 dln (Gütersloh 1928-1942). Hij redigeerde o.a. het Palästina-Jahrbuch. # |