CALVINISME
De belangrijkste sector van wat ter onderscheiding van het luthers als het gereformeerd protestantisme wordt aangeduid. Het valt er niet mee samen, want tot het gereformeerd protestantisme behoort o.a. ook de stroming uitgaande van Zwingli, die vóór Calvijns optreden reeds was gestorven. Voorts moet bij het calvinisme niet zozeer aan een theologisch en kerkelijk stelsel worden gedacht, als veeleer aan een allesomvattende wereld- en levensbeschouwing. Het calvinisme zoekt aansluiting bij de ideeën geformuleerd door Johannes Calvijn, zonder er zich in alle opzichten op te willen vastleggen, omdat het zijn laatste norm ontleent aan de bijbel.
1. Wezenskenmerken
Diverse onderzoekers hebben in een bepaald grondbeginsel het wezen van het calvinisme trachten aan te geven. Als zodanig noemde men dan de predestinatie of de voorzienigheid Gods, met name ook Zijn volstrekte soevereiniteit. Maar het gemis aan eenstemmigheid op dit punt bewijst wel het onvruchtbare van een dergelijk pogen. Het calvinisme is niet ontstaan uit een filosofische reflectie over een of ander grondbeginsel, maar weet zich direct en volledig gebonden aan wat God in Zijn Woord heeft geopenbaard. Over de gehele linie wordt het gekenmerkt door de innerlijke behoefte zich voor alle opvattingen en gedragingen te verantwoorden tegenover de bijbel als enige en volstrekte regel van geloof en leven.
2. Volstrekte soevereiniteit van God
Voorop staat de erkenning van Gods volstrekte soevereiniteit over het leven en de noodzakelijkheid voor de mens om Hem te kennen en te dienen en zo Hem te verheerlijken op alle terreinen. Hiermee gaat gepaard de belijdenis niet alleen van de afhankelijkheid van alle schepselen ten opzichte van Gods raad en bestel, maar ook van het volstrekte verderf als gevolg van de zonde, waardoor de mens uit zich zelf onmachtig is tot het zedelijk goede. Uitsluitend aan Gods verkiezende genade in Christus is het te danken, dat er uit de wereld een gemeente wordt bijeengebracht. Het heil dat in de weg van het verbond aan deze gemeente toekomt, is gegrond op het werk van Christus, die haar tegelijk door de Heilige Geest roept en bekwaamt tot een leven van heiligmaking en gehoorzaamheid.
3. Levenswijze
Het kenmerk van dit leven is niet wereldmijding en ascese, wel positieve aanvaarding van de wereld als schepping Gods. Alle eerbare arbeid wordt beschouwd als het vervullen van een goddelijke roeping. Ook het uitlenen van geld tegen een matige rente, wat in de eeuwen vóór de Reformatie werd veroordeeld, ontmoet bij dit standpunt geen bezwaar. Hieruit evenwel af te leiden dat het calvinisme verantwoordelijk zou zijn voor het ontstaan van het moderne kapitalisme, is niet juist. Bij alle bereidheid om de wereld te aanvaarden, kent het namelijk evenzeer de roeping zich van de wereld los te maken. Want het aardse leven behoort steeds te worden gezien in het licht van de eeuwigheid. De overdenking van het toekomstige leven geeft aan de houding van de christen een eigenaardig naar de hemel toegekeerd karakter. De vrijheid die hij in Christus bezit, betekent voor hem de gebondenheid aan Gods wet, die leidt tot een strenge zedelijkheid en een voortdurende tuchtoefening van zichzelf.
4. Politieke consequenties
In het calvinisme heeft men de oorsprong en waarborg van de constitutionele vrijheden willen zoeken. Dit is evenwel slechts juist wanneer men let op een latere ontwikkeling. Oorspronkelijk heeft het calvinisme aangedrongen op het straffen van ketters door de overheid, aan welke een bepaalde taak ook ten opzichte van de kerk werd toegedacht. Men spreekt in dat verband veelal van een theocratische opvatting. Niettemin is het de verdienste van Calvijn, dat hij van het begin af is opgekomen voor de zelfstandigheid van de kerk ten opzichte van de staat, al heeft hij dan niet terstond de volle consequenties van dit beginsel gezien en in praktijk gebracht. Ook het belang van de vrije ontwikkeling van wetenschap en kunst is door het calvinisme later begrepen.
5. Invloed
Het calvinisme is niet aan een bepaald volk of een bepaalde cultuur gebonden. Het heeft in verschillende landen van Europa en in andere delen van de wereld een krachtige voedingsbodem gevonden. Elders is het, ondanks de aanwezige innerlijke affiniteit, door geweld en vervolging verdrongen. De invloed van het calvinisme heeft zich vooral doen gelden in Zwitserland, Frankrijk, Nederland, Duitsland, Hongarije, Engeland, Schotland, de Verenigde Staten en Zuid-Afrika; vroeger ook in Polen en Oostenrijk.