Personal tools
You are here: Home B BOE BOEHMER, Konrad
Navigation
Sponsor Links
test
 
Document Actions

BOEHMER, Konrad

by admin last modified 2005-11-05 10:31 PM

Nederlands componist (1941 - )

Ook musicoloog van Duitse afkomst

* Berlijn 24.5.1941

Hij studeerde muziek (compositie: G.M. Koenig, piano: M. Jansen-Füssl), filosofie, sociologie en muziekwetenschap in Keulen en promoveerde in 1966 in de muziekwetenschap met Zur Theorie der offenen Form in der neuen Musik, waarin hij de inherente tegenspraken die ten grondslag liggen aan zgn. niet-gedetermineerde en aleatorische instrumentale composities aantoonde (zie ook aleatoriek). Tussen 1961 en 1963 was hij medewerker van de Studio voor Elektronische Muziek van de Westdeutsche Rundfunk in Keulen. In 1966 vestigde hij zich in Amsterdam. Van 1966 tot 1968 was hij verbonden aan de Studio voor Elektronische Muziek van de Rijksuniversiteit te Utrecht. Van 1968 tot 1973 was hij muziekmedewerker van Vrij Nederland. Sinds 1970 doceert hij aan het conservatorium in Den Haag. Hiernaast vervulde hij bestuursfuncties in het Nederlandse muziekleven. Zijn talrijke publicaties over de huidige politieke, sociale en culturele situatie van de muziek treffen door hun polemische toon en grondige kennis. In zijn muziek gebruikte hij seriële compositietechnieken (zie seriële muziek). In zijn recente muziekdramatische werk legt Boehmer een bijzondere interesse aan de dag voor verschillende vormen van vocale expressie, van zang via ‘Sprechgesang’ en het ritmisch gesproken woord tot het gesproken woord zonder meer.

Voor zijn muziekdrama Dr. Faustus ontving hij in 1983 de Rolf Liebermannprijs. Ter gelegenheid van het Multatuli-jaar componeerde hij het muziektheaterwerk Woutertje Pieterse (1988), waarin hij vulgaire en intellectuele elementen verenigde.

Werken: Instrumentaal: Variation (1959–1960; orkest); Information (1964–1966; slagwerk en piano's); Canciones del camino (1973–1974; orkest); In illo tempore... (1979; piano); Da ciri (1991; 6 spelers); Et in arcadia ego (1992; strijkkwartet); Kronos Protos (1995; blazers, 2 piano’s, slagw.). – Vocaal: Je vis, je meurs (1979–1980; sopr., fluit, slagwerk; n. L. Labé); Malgré la nuit seule (1983; sopr. en kamerensemble); Apocalipsis cum figuris (1984; 3 vocalisten, 2 piano's, 4 slagwerkers, geluidsband); Dr. Faustus (1985; muziekdrama; H. Claus); Woutertje Pieterse (1988; muziektheater; n. Multatuli); Il combattimento (1988–1989, concertstuk v. viool, cello en gr. orkest); Kinderlied zu Dresden (1990; zingende pianist); Nie recht... (1990; mezzosopr.); Canto in modo Nono (1991; koor); Un monde abandonné des facteurs (1996; 4 mezzosopr.). – Elektronisch: Position (1960–1961; geluidsband, stemmen en ork.); Der Tänzer unserer lieben Frau (1963; balletmuziek); Aspekt (1964–1967); Cry from this earth (1977–1978, band en slagwerk); Sainte Justine – Être suprême (1989); Logos Protos (1996; elektronica, stemmen, slagw.)

Geschriften: Zur Theorie der offenen Form in der neuen Musik (diss.; 1966; heruitg. 1988); Zwischen Reihe und Pop: Musik und Klassengesellschaft (1970); Gehoord en ongehoord (1974); Geboeide klanken: een andere muziekgeschiedenis (1980); Das böse Ohr: Texte zur Musik 1961-1991 (1993).


Powered by Plone Powered by Linux Get Firefox

Online sinds 4-3-2004