BLANCA, Burt
Belgisch Muzikant (1944- )
* 6.8.1944 als Norbert, Arthur Blancke,
Hij was de jongste telg uit het gezin Blancke-Ramon. Burt werd geboren in de Brusselse gemeente Neder-over-Heembeek, waar het gezin met Brugse roods uiteindelijk belandde.
Burt was reeds van in zijn prille kinderjaren gefascineerd door muziek. Op zes jarige leeftijd werd hij een leerling aan een Brusselse muziekschool waar hij in eerste instantie accordeonlessen volgde.
Door het enorme muzikale talent van Burt leert hij meerdere instrumenten bespelen en dit in een zeer korte periode.
Ondertussen deed hij het op het Koninklijk Atheneum te Koekelberg al even goed en blonk hij uit in vakken als Wiskunde, Talen, Turnen en uiteraard Muziek.
Burt vond al vlug een enthousiast publiek in het kleine café van zijn ouders en speelde er als accordeonvirtuoos de pannen van het dak.
Norbert die de microbe nu pas goed te pakken had werd een leerling van de stedelijke muziekacademie Brussel.
Daar de accordeon in deze school niet werd toegelaten koos hij voor de klarinet. Ook dit instrument kreeg hij vlug onder de knie en niet veel later vergezelde hij een lokale harmonie.
In die periode verhuisde het gezin Blancke terug naar de streek rond Brugge. Dit gaf uiteraard problemen voor de muzikale studie van Burt maar hier werd een oplossing voor gezocht en kon hij alsnog zijn studies te Brussel verder zetten.
Burt behaalde onder andere te Parijs een eerste conservatoriumprijs in 1956 met de accordeon, iets wat hij een jaar later nog eens zou overdoen te Bonn.
Zijn ouders schonken hem een “Hofner” gitaar die hij na enkele dagen, zonder enige voorkennis, reeds met een beperkt aantal akkoorden kon bespelen. In de daarop volgende weken groeit zijn liefde voor dit instrument en oefende hij intensief.
Hij speelde de rock ‘n’ roll klassiekers na tot hij ze perfect onder de knie had. Maar hij wilde meer, veel meer en hij begon aan een eigen stijl te sleutelen. Op die manier ontdekte en ontwikkelde hij zelf z’n uitzonderlijke talenten als gitaarvirtuoos.
Een muzikant als Burt is uitzonderlijk en in de omgeving deed het nieuwtje als een lopend vuurtje de ronde. Al gauw ontstond dan ook de eerste band rond en met Burt: “The Fellows”.
Van het één komt het ander en al vlug waren alle weekends druk bezet door optredens.
In mei 1959 werd het trio aangezocht om te Gent in zaal Scaldis zangeres Cora Terry te begeleiden.
Cora bleek echter ziek en het trio besloot om Norbert op de voorgrond te brengen als plaatsvervangend zanger voor die avond. Op die manier hoopten zij hun contract te kunnen vrijwaren.
Alhoewel niet vrij van enige plankenkoorts gaf hij enkele rockers ten beste. Het talrijke publiek was wild enthousiast en bedachten hem en zijn mannen met een staande ovatie.
Overtuigd van het succes dat Norbert oogstte besloot men om van hem de hoofdvedette te maken. Burt Blanca was geboren. Ook de groepsnaam moest dringend een wijziging ondergaan vonden ze. Lang zoeken was niet nodig. Met de film “King Creole” waarin Elvis Presley het hoofdpersonage Danny fisher vertolkte, was een naam vlug gevonden: “Burt Blanca & The King Creoles”.
De jongens hadden succes en dit bleef uiteraard niet onopgemerkt. Als grondleggers van de Belgische Rock ‘n’ Roll scène werden zij aangezocht om in december 1959 de eerste rock ‘n’ roll op vinyl single vast te leggen. Onder leiding van de befaamde Roger Verbestel werden “Oh Carol”, een Nederlandse vertaling van het succes van Neil Sedaka, en een eigen compositie van Burt “I Love You So” op een 45 toeren geluidsdrager vast gelegd.
Prompt komt de single op de 1ste plaats van radio Kortrijk terecht. Door het succes dook Burt kort daarop alweer de studio’s in en werden er nog een aantal titels opgenomen. Ook als live-act werden zij veel gevraagde en graag geziene gasten.
Het vele werk deed Burt besluiten na het afronden van het laatste jaar het Atheneum te verlaten en de hogere studie die hij voor ogen had niet aan te vatten.
Bezeten nu door de muziek blijft hij echter wel zijn studies aan de muziek academie van Brussel verder zetten.
Hij ruilde zijn trouwe Hofnergitaar in voor een Fender.
September 1960 is een drukke maand want Burt en groep staan de hele maand op de disco Sputnik affiche van Manheim. Hij vond echter toch de tijd om ook de Hawaiiaanse evenals de Steelguitar en de banjo te beheersen.
Ook in België bleef het succes niet uit en in 1961 werd Burt, zowel door het publiek als door de media, beschouwd als de Belgische Elvis Presley.
Ondanks het succes op de Belgische, Nederlandse en Duitse markt wordt 1962 de populariteit van de jonge artiest nogmaals bevestigd. Ditmaal in Frankrijk, waar Pathé-Macroni zich uit de naad zocht naar een Shadows tegenhanger. De zeventien jarige Burt ondertekende het contract in het bijzijn van zijn ouders.
Zijn opkomst en succes zijn nu niet meer te stuiten. Burt behaalt zelfs een plaatsje in de top 10 op de Filippijnen.
Burt echter wil zich nog verder verdiepen in de muziek en schrijft zich in aan het Koninklijk Conservatorium te Brussel.
Hij mocht dan al een veelgevraagde vedette met heel wat succes zijn. Hij mocht dan al terugblikken op tot de nok toe gevulde zalen met dol enthousiaste fans overal in West-Europa. Hij mocht dan al een veelgevraagd studiomuzikant zijn, die mensen als Will Tura of Nicole Josy, om er slechts twee te noemen, kon begeleiden.
Burt zelf vond dat het nog beter kon en volgde enkel jaren intensief notenleer, zang, harmonie en instrumentenleer. Hij Behaalde met grote onderscheiding in 1971 zijn einddiploma.
In de eindejaarsperiode speelde Burt zowel in de Ancienne Belgique als in zaal Oud België de pannen van het dak, samen met The Cousins en The Kili Jacks.
1963 is het jaar waarin hij Frankrijk veroverd, maar ook met de regelmaat van de klok blijft optreden in de rest van West-Europa.
Hij deelt affiches met o.a. The Cousins, Adamo, Dick Rivers…enz.
Ondertussen worden zijn opnames ook in landen als spanje, Italië, Canada… uitgebracht.
“Tout En Fumée” wordt een daverend succes en is dan ook op elke jukebox terug te vinden.
Op 17 januari 1964 doet Burt zijn intrede in de overbekende “golf Drouot” te Parijs. Later dat jaar deelt hij opnieuw te Parijs het podium met Gene vincent. De samenwerking vlot goed en de twee beslissen om samen twee concerttournees te maken langs alle voornaamste podia in Frankrijk en treden eveneens samen op te Genève in Zwitserland.
Later dat jaar zou Burt, niet onterecht en zeker niet onverdiend, uitgeroepen worden tot één van de beste gitaristen en zou hij podia delen met o.a. Richard Anthony, Hugues Aufray, P. Monty, Vince Taylor,…
Alle artiesten werden door het 20 000 koppig publiek te Châtelet op 13 september bekogelt met tomaten. Enkel Burt Blanca bleef hiervan gespaard en dit zeker niet bij gebrek aan tomaten of andere vormen van zachte doch kleverige projectielen.
Vier dagen later echter staat hij in het voorprogramma van The Animals in het overbekende l’Olympia.
Door het veelvuldige reizen van het ene optreden naar het andere kreeg Burt de bijnaam “Boy Scout du Rock”.
In de daaropvolgende jaren blijft Burt onvermoeibaar alle podia in West-Europa aandoen en deelt hij opnieuw de planken met mensen als Vince Taylor en Dick Rivers.
Hij werd bovendien een zeer gewild studiomuzikant zodat zijn gitaarspel op vele albums te bewonderen valt. Doorheen de drukke bezigheden vindt hij toch nog de tijd om enkele beresterke eigen albums op te nemen.
In mei 1967 staat hij dan weer in het befaamde Paladium te Londen.
Door de studentenopstand te Parijs in 1968 doen vele zangers hun opnames in Belgische studio’s en werd er veelvuldig beroep gedaan op Burt Blanca als studiomuzikant.
Gebruikmakend van de revival van de Rock ’n’ Roll in Europa brengt Burt onder de simpele titel “Rock ‘n’ Roll” een spetterend album op de markt, met een aantal composities van eigen hand.
“Rock ‘n’ Roll Is Good For The Soul” een cover van the Four Counts, prijkte in alle glorie op dit album en werd meteen een reuze hit waarmee Burt hoge toppen in de parades scoorde.
Met de toestemming van Albert van Hoogten, eigenaar van Ronnex, werd de single opnieuw uitgebracht door Burt, ditmaal echter onder pseudoniem Winky Hawks. Dit met als enig doel de media bewijs te leveren van de knowhow van een Belgische artiest.
Burt zou opnieuw podia delen met Vince Taylor op het festival van Montbéliard. Vince, zich niet al te best voelende, werd backstage bijgebracht door Burt die samen met zijn begeleider overwoog Vince mee naar België te nemen.
Tussen zijn driemaandelijks optredens in de golf Drouot vinden wij Burt regelmatig terug in het Lido aan het Brouckéreplein te Brussel.
In Frankrijk echter verzorgd hij tal van gala’s met collegae als o.a. Antoine, Jacques Dutronc en Michel Polnareff. Deze laatste, zich vergapend aan het talent van Burt, vroeg hem na afloop om een gehandtekende foto.
Een jaar later ziet zijn manager het belang in van een eigen studio met label (BBM) waarop Burt een groot aantal albums en een twintigtal singles uitbracht. De verdeling wordt direct gevoerd, zonder de ‘nodige’ tussenpersonen. Alle opnames op dit label tussen 1969 en 1974 werden bovendien onmiddellijk in Frankrijk op het Président of National label overgenomen. Deze 19 volumes tellende serie van indrukwekkende rockklassiekers verkochten in België en Frankrijk als zoete broodjes.
In de twee hierop volgende jaren vinden we Burt drie tot vier maal per week op de planken. Hij realiseert prachtige instrumentale albums, begeleid anderen als studiomuzikant, en componeert tal van prachtige songs.
Bovendien vindt hij op dinsdag 9 mei 1972 nog de tijd de planken te delen met Jerry Lee Lewis in het Palais d’Hiver te Lyon.
Tegen de kerstperiode vinden we in de platenzaak een 45 toeren terug met “Black Christmas” en “Blue December” en dit onder het label Blue Jeans. Ondanks het feit dat het hier ging om de onbekende Buddy Kenneth ging het singletje vlotjes over de toonbank. Dat talent boven komt drijven is hierbij zonder enige twijfel bewezen. Buddy was een nieuw pseudoniem voor Burt.
Het leven gaat zijn drukke en succesvolle gangetje verder. Burt, niet enkel in de ban van de muziek maar ook van karate wijd in 1973 twee singles aan deze kunstvorm.
Een jaar later deelt Burt een affiche met Bill Haley And His Comets in de “Ancienne Belgique. Het publiek gaat uit de bol en Burt en krijgt een staande ovatie nadat hij z’n Amerikaanse collega van de planken speelde. Dat jaar kon Burt ook de naam Garry Glitter aan de lijst van bekende namen toevoegen waarmee hij podia had gedeeld.
In 1975 doorkruist Burt nogmaals Frankrijk en speelt hij samen met Dick Rives en Eddy Mitchell, stond in “Palais d’Hiver” te Lyon samen met Chuck Berry op de planken en verzorgde een eerst reeks optredens van Johnny Halliday. Deze verklaarde later dat Burt de beste showman was die hij in zijn loopbaan had ontmoet.
In Duitsland staat Burt op de covers van de magazines.
Op 24 juni staat Burt geprogrammeerd voor het opluisteren van de 24u van Francorchamps dit samen met het Franse Rockidool Eddy Mitchell. Burt krijgt het talrijke publiek in de maxitent volledig uit de bol en wordt hiervoor bedankt met een ware staande ovatie.
Mitchell kon die dag onder boegeroep afdruipen.
Van dat ogenblik af wil geen enkele Fransman nog na Burt op dezelfde affiche prijken.
Een jaar later speelt Burt te Vorst Nationaal in het voorprogramma van Chuck Berry. Van dit optreden werd bij wijze van uitzondering een Live CD op de markt gebracht en niet ten onrechte want ook Chuck onderging hetzelfde lot dat eerder reeds Eddy Mitchel te beurt viel en kon afdruipen onder luid gejoel van het talrijke publiek. Burt werd bejubelt en Chuck uitgefloten. Wat had deze jongen toch???
Ondanks dit succes word 1976 voor Burt op persoonlijk vlak een echt rampjaar. Maar ondanks het diepe dal en de zware moeilijkheden blijft hij op artistiek vlak een bezig bijtje. Na vele moeilijkheden te hebben overwonnen stond Burt in 1977 opnieuw op de planken echter wel onder de naam Burt Blanca & the Magic Guitars.
Op vraag van de Amerikaan Robert Mellin, ex-producer van Paul Anka en The Platters, neemt Burt alweer een album op. Op een ander album uit dat jaar vinden we o.a. “Le Train Ne Passe Plus Par-Là” en “ Ma Guitare Bleue” composities van Burt terug.
Het jaar daarop brengt men deze elpee ook in Frankrijk uit en de verschillende singles getrokken uit het album worden onder andere ook in Canada uitgebracht.
Hij krijgt een gouden plaat aangeboden door de firma MFP voor de verkoop van 200 000 exemplaren van de langspeler “Rock Around The Clock”.
“Le Train Ne Passe Plus Par-Là” maar nam Burt verder mee langs de duizelingwekkende snelle weg naar het succes.
Ook Burt wou eens iets anders en nam zijn oude liefde, de accordeon van onder het stof. Hij schreef tal van successen voor de Klaxons en ging met hen mee op wereldtournee.
In de jaren tachtig verschijnen nog twee pracht elpees met name: “Still Rocking After All Those Years” en “Rockin’ Patry”. Ook het CD tijdperk is niet aan Burt voorbij gegaan en met de regelmaat van de klok verschijnen er diverse CD’s. Grote titels zijn o.a.: “Rock ‘n’ Roll Is Good For The Soul” en “Never Enough”, om er slechts twee uit te pikken.
Nu, in 2003 staat het niet stil rond Burt. Hij zit boordevol nieuwe plannen en het eerste dat reeds in uitvoer is betreft een promo CD voor de 23ste editie van de internationale platenbeurs, gehouden te Gent in het I.C.C. op 02/03/’03.
Nadien verschijnt de nieuwe promo CD ter promotie van zijn op komst zijnde nieuwe Full CD “Here Today, Gone Tomorrow”. Deze geluidsdrager zal boordevol staan met beresterke eigen nummers. Eens deze nieuwe schijf op de markt is, gaat Burt met zijn live band weer volop toeren doorheen de Belgische Cultrurele Centra en zalen.