BLANCHE, Jacques Emile
Frans schrijver en schilder (1861-1942)
* Parijs 1861 - † Offranville 1942
Als schilder is hij vooral bekend om zijn portretten, o.a. van Bergson, Bourdelle, Claudel, Coeteau, Foeh, Gide, Giraudoux, Mallarmé, Maurois, Valéry en vele anderen. Hij schreef een groot aantal kunstkritieken en voorts romans en novellen.
Onder: een portret van hem geschilderd door Jean Cocteau – in mussée Carnaval
Als zoon van de beroemde Parijse psyehiater behoorde Jacques-Emile Blanche tot de gegoede burgerij en verkeerde veel in hogere kringen, waarin hij talrijke portretten schilderde. Zijn modellen waren ook afkomstig uit de literaire wereld waarmee hij heel nauw ver- bonden was. Zo schilderde hij bijvoorbeeld een heel mooie Proust. De Noorse impressionistische schilder Thaulow, een zwager van Gauguin, had besloten zich in Frankrijk te vestigen en er carriêre te maken.
Hieronder legt Blanche Thaulow vast, die voor zijn schildersezel zit en probeert te werken, ondanks de opdringerige aanwezigheid van zijn dochtertje Ingrid en haar hondje: "zeer weerspannige modellen". Achter de kunstenaar zien we zijn dochter Elsa, wier rode blouse afsteekt tegen een onweersachtige hemel, en zijn zoon Harold, acht jaar oud, die heel ernstig poseert. Blanche schilderde dit doek in Dieppe. "Nog nooit had ik zoiets pittoresks voor ogen gehad, zo blond en lief van kleur, zoiets aantrekke- lijks". Je voelt het geluk dat hij beleefde aan het in alle intimiteit schilderen van zijn vriend en kunstenaar. Dit doek oogstte veel succes op de eerste Salon van de Art Nouveau in 1895 en werd aangekocht door het Musée du Luxembourg. Er bestaat nog een versie van, maar dan met mevrouw Thaulow.
1895 - Olieverf op linnen, 180 x 200 cm Parijs, Musée d'Orsay
rechts: portret van de schilder door Jules Chéret 1892 (detail) 200 x 179 cm olieverf op doek Musée du petit Palais, Paris