AANTJES, Willem
Scherp staat het verkrampte hoofd op het netvlies van de natie: de vertrokken mond, de blik vol ingehouden woede. De kranten brachten het beeld van het démasqué groot op hun voorpagina's. Beter dan een vernietigend commentaar illustreerde die foto de neergang van een politicus die jaren in het brandpunt van de actualiteit had gestaan.
Geprezen werd Aantjes ooit om zijn scherpte, zijn bewogenheid in de Bergrede. Aantjes was gehaaid en ongrijpbaar. Niet weg te denken uit de Nederlandse politiek. En ineens was hij verdwenen. Neergesabeld na een bliksemonderzoek van de man die zichzelf tot grootinquisiteur van het Rijksinstituut voor Oorlogsdocumentatie had uitgeroepen, prof. dr. Lou de Jong.
Deze geschiedschrijver in overheidsdienst laat op die zesde november 1978 niets heel van Aantjes bevlogen imago. In 1943 was Aantjes door de PTT naar Nazi-Duitsland gestuurd om er te werken. In een poging om uit Duitsland weg te komen meldde Aantjes zich voor een politiedienst in Nederland. Eenmaal terug Zou hij pro beren te vluchten. Maar dat was helaas niet gelukt. De Jong windt er geen doekjes om: Aantjes had zich aangemeld als lid van de Germaanse SS, deed dienst in de Landstorm Nederland en had als bewaker in het strafkamp Port Natal gewerkt. "Niet waar", zei Aantjes, "ik had daar gevangen gezeten en heb daar niet als bewaker dienst gedaan." De Jong hoort het al niet meer. "Aantjes heeft na de oorlog zijn SS-lidmaatschap systematisch verzwegen, ook tijdens de zuiveringsonderzoeken kort na de bevrijding in 1945." Waarop Aantjes zwakjes repliceert: "Ik heb fouten gemaakt, maar ik ben niet fout geweest." Het verzwijgen van enkele minder prettige details uit de oorlogsjaren wil hij niet goedpraten. "Een van mijn aller grootste fouten is geweest dat ik niet tijdig het duivelse karakter van het nationaal-socialisme heb herkend."
Al eerder waren de CDA-top en met name enkele mannenbroeders van de Anti-Revolutionairen bekend met het oorlogsverleden van Willem Aantjes. Reden waarom in die kringen het onwenselijk werd geacht om Aantjes voor te dragen voor een ministerspost. Hij was immers chantabel. De man die in zijn nog onbevlekte politieke carrière indruk had gemaakt met gevleugelde uitspraken als: " Voor politici zie ik de les: erop bedacht te zijn dat het goede voorbeeld meer spreekt dan het goede woord. Woorden wekken, voorbeelden strekken ", verslikte zich nu in zijn eigen beeldspraak. Zijn politieke carrière was voortijdig gestrand, al hield minister-president in oktober 1980, toen er sprake was van een comeback van Aantjes, de deur schijnbaar nog even op een kier:
"Bij een beoordeling van de vraag: hoe nu verder, moet niet alleen in aanmerking worden genomen de beroering die vorig jaar november ontstond en die na herziening van dat beeld nog steeds aanmerkelijk is, maar ook het feit dat het gaat om een mens en medeburger met grote kwaliteiten van hoofd en hart, die belangrijke verdiensten heeft verworven voor het bestuur van het land. "Het vertrouwde christen democratische rookgordijn, waaruit de politicus Aantjes nooit meer zal terugkeren. Hij wordt nog voorzitter van j de Kampeerraad en mag bij het CDA in ondergeschikte rollen een duit in het zakje doen. Maar de belofte die hij ooit was voor de Nederlandse politiek is als ether verdampt.
Onder: Terwijl Ruud Lubbers toekijkt, schiet Aantjes vol tijdens de perscongerentie waarin hij zijn aftreden bekend maakt.